Als het pijnlichaam je heeft overgenomen, wil je meer pijn. Je wordt een slachtoffer of dader. Je wilt pijn toebrengen of pijn lijden of allebei. Er is ook eigenlijk niet veel verschil tussen die twee. Je bent je daar natuurlijk niet bewust van en zegt natuurlijk fel dat je geen pijn wilt. Maar als je wat beter kijkt, zie je vanzelf  dat je manier van denken en je gedrag ingesteld zijn op het in stand houden van pijn, zowel voor jezelf als voor anderen. Als je je daar echt bewust van was, zou het patroon oplossen, want pijn willen is krankzinnig en niemand is bewust krankzinnig.

Als je de pijn niet onder ogen zit, het licht van je bewustzijn niet in de pijn brengt, moet je de pijn keer op keer opnieuw beleven. Misschien vind je het pijnlichaam een gevaarlijk monster en durf je het niet aan te kijken, maar ik kan je verzekeren dat het een krachteloos fantoom is dat het nooit kan opnemen tegen de macht van je aanwezigheid.

Wat gebeurt er met het pijnlichaam als we zo bewust worden dat we onze identificatie ermee verbreken?

Net zoals je niet tegen het donker kunt vechten, kun je niet tegen het pijnlichaam vechten. Elke poging daartoe leidt tot innerlijk conflict en daarmee tot meer pijn. Je moet voldoende aanwezig zijn om het pijnlichaam direct te kunnen waarnemen en de energie ervan te voelen. Dan kan het je gedachten niet onder controle krijgen. Op het moment dat je gedachten zich afstemmen op het pijnlichaam, identificeer je je ermee en voed je het weer met je gedachten.

Als bv woede de hoofdtrilling is van je pijnlichaam en je boze gedachten hebt over wat iemand je heeft aangedaan en wat je hem of haar gaat aandoen, dan ben je onbewust geworden en is het pijnlichaam ´jou´geworden. Waar boosheid is, zit altijd pijn op achtergrond. En als je in een sombere stemming komt en je begint volgens een heel negatief patroon te denken over hoe afschuwelijk je leven is, dan is je denken afgestemd op het pijnlichaam zodat je onbewust bent geworden en kwetsbaar bent voor aanvallen van het pijnlichaam.

´Onbewust´ betekent dat je je identificeert met het een of andere mentale of emotionele patroon. Het impliceert de totale afwezigheid van de waarnemer.

Langdurige bewuste aandacht snijdt de band tussen het pijnlichaam en je gedachteprocessen door en brengt het veranderingsproces op gang.

De breuk in je binnenste geneest en je wordt weer heel.

Blijf aanwezig en blijf de waarnemer van wat er in je omgaat. Word bewust van zowel de emotionele pijn als van´degene die waarneemt´, de zwijgende toeschouwer. Dat is de macht van het Nu.

by Rigi

De teksten zijn uittreksels – essentie uit mijn favoriete boeken van E.Tolle, Osho …

Advertisements

Pijn uit het verleden: oplossen van het pijnlichaam

Zolang je geen toegang kunt krijgen tot de macht van het Nu, laat elke emotionele pijn die je ervaart een residu van pijn achter dat in je voortleeft. De pijn vermengt zich met de pijn uit het verleden die er al was en nestelt zich in je geest en je lichaam. Daarbij zit natuurlijk ook de pijn die je als kind hebt ervaren.

Deze opgehoopte pijn is en veld van negatieve energie dat je lichaam en geest bezet. Het onzichtbare opzichzelfstaande entiteit. Het is het emotionele pijnlichaam. Het kent twee toestanden: sluimerend en actief. Een pijnlichaam kan negentig procent van de tijd sluimeren. maar bij heel ongelukkige mensen kan het wel 100 procent van de tijd actief zijn. Sommige mensen leven bijna helemaal door hun pijnlichaam, terwijl andere het misschien alleen in bepaalde situaties ervaren, bv in persoonlijke relaties of bij pijn van vroeger, een verlies of verlaten zijn, lichamelijke of emotionele gekwetstheid enz. Willekeurige gebeurtenissen kunnen het pijnlichaam activeren, maar vooral gebeurtenissen die resoneren met een pijnpatroon uit je verleden. Als het op het punt staat uit zijn sluimertoestand te ontwaken, kan een gedachte of een onschuldige opmerking van iemand anders die dicht bij je staat het al activeren.

Sommige pijnlichamen zijn hardnekkig maar betrekkelijk onschuldig. Andere zijn gemene en vernietigende monsters, echte demonen. Sommige zijn gewelddadig op lichamelijk gebied, andere in emotioneel opzicht. Sommige vallen mensen aan in je omgeving of die je na staan, andere vallen jouzelf, hun gastheer of –vrouw, aan. De gedachten en gevoelens die je o zo’n moment over je leven hebt, worden dan heel negatief en destructief voor jezelf. Op deze manier ontstaan veel ziekten en ongelukken.

Let op elk teken van ongelukkigheid bij jezelf, in welke vorm dan ook; want dat kan het ontwakende pijnlichaam zijn. Het kan de vorm aannemen van irritatie, ongeduldigheid, een sombere stemming, het verlangen pijn te doen, woede, razernij, depressie, de behoefte aan meer drama in je relatie en ga zo maar door.

Grijp het op het moment dat het uit zijn sluimertoestand ontwaakt.

Het pijnlichaam wil overleven, net zoals elk ander bestaand wezen, en het kan alleen overleven als het zover krijgt dat je je er onbewust mee identificeert. Dan kan het opstaan, je overnemen, ‘jou worden’ en door jou leven. Het moet door jou zijn ‘voedsel’ krijgen. Het voedt zich met ervaringen die doortrokken zijn van zijn eigen soort energie en met alles wat verdere pijn teweegbrengt, in welke vorm dan ook: woede, vernietigingsdrang, haat, rouw, emotionele scènes, geweld en zelfs ziekte. Het pijnlichaam schept dus zodra het de controle over je heeft gekregen een situatie in je leven die doortrokken is van zijn eigen soort energie, zodat het zich daarmee kan voeden. Pijn kan zich alleen maar voeden met pijn, niet met vreugde. Die is voor pijn volkomen onverteerbaar.

 

 

Het verstand omvat niet alleen het denken. De emoties, ook alle onbewuste mentaal – emotionele reactiepatronen, horen er toe.

Een emotie ontstaat op de plaats waar verstand en lichaam elkaar ontmoeten en is de reactie van het lichaam op het verstand; je zou ook kunnen zeggen: een afspiegeling van het verstand in het lichaam.

Een gedachte aan iemand aanvallen of een vijandige gedachten bouwt energie op in het lichaam die we woede noemen. Het lichaam bereidt zich voor om te vechten. Door de gedachte dat je bedreigd wordt, lichamelijk of psychisch, trekt het lichaam zich samen, en dat is de lichamelijke kant van wat we angst noemen. Uit onderzoek is gebleken dat sterke emoties zelfs veranderingen in de biochemie van het lichaam teweegbrengen. Deze biochemische veranderingen vertegenwoordigen het lichamelijke of materiële aspect van de emotie. Je bent niet bewust van al je gedachtepatronen, en vaak word je je van emoties alleen bewust door ze te observeren.

Hoe meer je je identificeert met je denken, voorkeuren en afkeuren, oordelen en interpretaties hoe minder je aanwezig bent als het toekijkende bewustzijn, des te sterker de emotionele lading gewoonlijk is, of je daar nu bewust bent of niet. Als je je emoties niet kunt voelen, als je ervan afgesneden bent, ervaar je ze uiteindelijk alleen nog lichamelijk, als een lichamelijk probleem of symptoom.

Terwijl een gedachte in je hoofd zit heeft een emotie en sterk lichamelijke component. Die voel je vooral in het lichaam.

Je kunt die emotie daar laten zijn zonder je erdoor te laten beheersen.

Dan ben je de emotie niet meer; je bent de toeschouwer, de waarnemende aanwezigheid.

De emotie wil je in haar macht krijgen en slaagt daar meestal in, tenzij je over voldoende aanwezigheid beschikt. Als je door gebrek aan alertheid in een onbewuste identificatie met de emotie wordt getrokken, wat heel gewoon is, wordt de emotietijdelijk ‘jij’. Vaak ontstaat er een vicieuze cirkel tussen gedachte en emotie; ze voeden elkaar. Het gedachtepatroon schept een uitvergroot beeld van zichzelf in de vorm van een emotie en de trillingsenergie van de emotie blijft het oorspronkelijke gedachtepatroon ven energie voorzien. Door in gedachte bij de situatie, de gebeurtenis of de persoon te blijven die de waargenomen oorzaak van de emotie was, geven de gedachten voedsel aan de emotie, die op haar beurt kracht geeft aan de gedachten, ezv.

De pijn wordt groter naarmate het verstand harder vecht om van de pijn af te komen.

Bij elke onderbreking van de gedachtestroom is een glimp van liefde en vreugde en een kort moment van diepe vrede mogelijk. Bij de meeste mensen treden die onderbrekingen zelden en alleen toevallig op, wanneer het verstand even ‘sprakeloos’ is, wat soms ontstaat bij het ervaren van grote schoonheid, bij extreem zware lichamelijke inspanningen en zelfs bij groot gevaar. Opeens is de innerlijke stilte daar. En binnen die stilte is er een subtiele maar intense vreugde, er is liefde en vrede.

Gewoonlijk duren zulke momenten niet lang omdat het verstand al snel weer de lawaaiige activiteit hervat die wij denken noemen. Liefde, vreugde en vrede kunnen niet tot bloei komen zolang je jezelf niet van de heerschappij van het verstand bevrijd hebt.

Niet denken_in het moment zijn

De ondergaande zon kun je een moment van zo’n schoonheid schenken, dat je er even sprakeloos van bent en er als verlamd naar staat te kijken. De pracht van het moment maakt zo’n indruk op je, dat het verstand even zwijgt, zodat het je niet in gedachte naar een andere plaats kan toveren dan het hier-en-nu.

In het stralende licht gaat er als het ware een deur open naar een andere werkelijkheid die er altijd is maar die we zelden waarnemen. Maslow noemt dit ‘piekervaringen’, omdat ze de hoogtepunten van het leven uitmaken waarin we tot onze vreugde de beperkingen van het wereldse en gewone leven ontstijgen. Bij deze euforische gelegenheden vang je een glimp op van het eeuwige rijk van Zijn. Ook al duurt het maar even, je bent thuisgekomen bij je Ware Zelf.

Onze neiging de weg van de minste weerstand te kiezen door niet volledig aanwezig te zijn in het heden, schept een leegte.

Zolang je het verkeerde in je zelf niet als verkeerd onderkent – als wat je niet bent – is een blijvende verandering onmogelijk en raak je uiteindelijk weer verstrikt in een illusie en een vorm van pijn.

Je bent niet je denken

Alle mensen die hun werkelijke rijkdom, namelijk de vreugde van het Zijn en de diepe vrede die daarmee samengaat, nog niet gevonden hebben, zij bedelaars, ook al beschikken ze over grote aardse rijkdom. Ze zoeken buiten zichzelf naar een beetje plezier of bevrediging, naar bevestiging, veiligheid of liefde, terwijl ze in zichzelf een schat meedragen die veel groter is dan alles wat de wereld te bieden heeft.

De verlichting – het einde van het lijden is je natuurlijke staat van eenheid met Zijn. Het is een staat van verbondenheid met iets dat onvernietigbaar is.

Het onvermogen om die verbondenheid te voelen wekt de illusie op dat je afgesneden bent van jezelf en van de wereld om je heen. Dan zie je jezelf, bewust of onbewust, als een geïsoleerd fragment.

Het besef ik ben dat voorafgaat aan het ik ben dit of ik ben dat is een kleine stap naar de ervaring van Zijn.

Niet kunnen ophouden met denken is een afschuwelijke kwelling. Dit onophoudelijke mentale lawaai verhindert dat je het rijk van de stilte in je vindt dat onafscheidelijk is van Zijn.

Verlichting is een toestand van heel zijn. Eén met de wereld, en met je diepste zelf. Verlichting is einde van het lijden en van het voortdurende conflict tussen binnen en buiten, en het einde van de van de afschuwelijke verslaving aan onophoudelijk denken.

De identificatie met je verstand schept een ondoorzichtig scherm van concepten, etiketten, beelden, woorden, oordelen en definities dat elke echte relatie in de weg staat. Het komt tussen jou en jezelf, tussen jou en je medemensen, tussen jou en de natuur, tussen jou en God.

Het begin van de vrijheid is het besef dat je niet de denker bent

Als je dat weet, kun je de denker waarnemen. Op dat moment wordt er een hoger bewustzijnniveau actief. Je besef dat alle dingen die echt belangrijk zijn – schoonheid, liefde, creativiteit, vreugde, innerlijke vrede – uit iets voortkomen dat het verstand te boven gaat. Je begint te ontwaken.

by Rigi

De teksten zijn uittreksels – essentie uit mijn favoriete boeken van E.Tolle, Osho …