Richt je aandacht naar binnen. Neem eens een kijkje in je binnenste. Wat voor  gedachten brengt je verstand voort? Wat voel je? Richt je aandacht op je inwendige lichaam. Voel je ergens spanning?  Zodra je bespeurt dat er een zwak gevoel van onbehagen is, de achtergrondruis, stel dan vast op welke manier je het leven ontwijkt, je ertegen verzet of het ontkent – door het nu te ontkennen.

Bevrijding van ongelukkigheid

Alles wat je met negatieve energie doet wordt erdoor besmet en leidt op zijn tijd tot meer pijn, meer ongelukkigheid. Door de wet van de resonantie prikkelt en versterkt zij de latente negativiteit bij anderen, tenzij ze immuun zijn, dat wil zeggen, heel bewust.

Diepe onbewustheid, zoals het pijnlichaam of andere diepe pijn, zoals het verlies van een geliefde, moet je meestal omzetten door een combinatie van aanvaarding en het licht van je aanwezigheid – je ononderbroken aandacht. Veel patronen in de gewone onbewustheid kun je daarentegen makkelijk loslaten als je weet dat je ze niet meer wilt en niet meer nodig hebt, zodra je weet dat je kunt kiezen, dat je niet gewoon een bundel geconditioneerde reflexen bent. Dit alles impliceert dat je toegang hebt tot de macht van het Nu. Zonder die toegang heb je geen keus.

Wees helemaal waar je bent, waar dat ook is   

Voorbeelden van gewone onbewustheid

Probeer jezelf erop te betrappen dat je klaagt, door praten of in gedachte, over en situatie waarin je verzeild bent geraakt, over wat andere mensen doen of zeggen, over je omgeving, levenssituatie of zelfs het weer. Klagen betekent altijd dat je niet accepteert wat is. Het heeft onveranderlijk een onbewuste negatieve lading. Als je klaagt, maak je jezelf tot slachtoffer. Als je je uitspreekt, zit je in je kracht. Verander de situatie dus door in actie te komen of er wat van te zeggen als dat kan of nodig is; keer de situatie de rug toe of aanvaardt die. Al het overige is krankzinnig.

Gewone onbewustheid heeft altijd op de een of andere manier te maken met ontkenning van het Nu. Het Nu impliceert uiteraard ook het hier. Verzet je je tegen hier – en – nu? Sommige mensen zijn altijd liever ergens anders. Hun ‘hier’ is nooit goed genoeg. Door zelfobservatie kun je ontdekken of dat ook in jouw leven het geval is.

Wees helemaal waar je bent, waar dat ook is.

Als je je hier – en – nu onverdraaglijk vindt en je wordt er ongelukkig van, dan kun je drie dingen doen;

je onttrekken aan de situatie,

de situatie veranderen

of die volkomen aanvaarden.

Dus een van drie mogelijkheden kiezen en daarna consequenties aanvaarden. Geen uitvluchten. Geen negativiteit. Geen psychische vervuiling.

by Rigi

De teksten zijn uittreksels – samenvattingen-essentie uit mijn favoriete boeken van E.Tolle, Osho … 

 

Advertisements

Kies voor geluk en je zult gelukkig zijn

Als mensen gelukkig zijn, kun je ze niet zover krijgen dat ze bezeten raken van geld. Ze willen niet hun hele leven verspillen met geld verdienen. Ze vinden het niet waanzin dat iemand zijn hele leven verwoest, enkel voor het levenloze geld dat zo te verdienen valt, om te sterven en daar rijk aan te worden – en dat geld wordt pas uitgekeerd als hij dood is. Dat is krankzinnig maar dat zie je niet in als je niet in extase verkeert.

’s Morgens heeft iedereen de keuze. Niet alleen ’s morgens, eigenlijk is die keuze uit je ellendig voelen en je gelukkig voelen er altijd. Je hebt steeds voor ellende gekozen, omdat je daarin geïnvesteerd hebt. Je kiest voor ellende omdat het een gewoonte is geworden, een patroon. Je hebt het altijd gedaan. Je hebt daar grote bekwaamheid in gekregen, je bent er helemaal mee vertrouwd. Zodra je mind een keus moet maken, weet hij al dat hij voor ellende zal kiezen.

Ieder kind wordt extatisch geboren. Als je weer een kind kan worden, dan is er geen ellende meer. Dat wil niet zeggen dat een kind geen momenten van verdriet kent. Die momenten zijn er wel maar dat is iets anders dan ellende.

Een kind kan zich beroerd voelen, het kan ongelukkig zijn, één moment intens ongelukkig maar het beleefd dat gevoel zo totaal, het is zo één met zijn gevoel dat het niet verdeeld raakt.

Als je één ermee bent, is ongelukkig zijn geen ongelukkig zijn meer.

Let eens op een kind, een onbedorven kind. Als het kwaad is, verandert zijn hele energie in woede. Er word niets achtergehouden, niets tegengehouden. Niemand die stuurt. Er komt geen mind aan te pas. Het kind is woede geworden. Het is niet woedend, het is de woede zelf geworden. Kijk eens hoe mooi is dat. Een kind wordt er nooit lelijk door. Na zijn woede wordt het kind stil. Het ontspant zich. Het word vredig. Je zou denken dat het ellendig is om zo woedend te worden maar het kind voelt zich niet ellendig. Het heeft ervan genoten.

Als je een wordt met iets, wordt je gelukkig. Als je afzondert van iets, zelfs als dat geluk is, wordt je ongelukkig.

Eén te zijn, meegaan met wat het leven je ook kan brengen, er zo intens in te zijn, zo totaal dat je niet meer bent, dat je je verliest, dat is gelukzaligheid.

Realiseer je elke keer dat je voor ellende kiest, dat het je eigen keuze is. Dit helpt al – deze opmerkzaamheid dat dit mijn keuze is, dat ik voor verantwoordelijk ben, dat ik me dat zelf aandoe, dat ik het doe. Dat maakt het makkelijker voor om je op geluk te richten.

Besef je dat het je eigen keuze is, dan wordt alles een spel. Dan kun je je beroerd voelen en tegelijkertijd bedenken dat het jouw keuze is en dat je niet hoeft te klagen.

Er is je verteld dat de grondslag van alle leven wordt gevormd door de wet van oorzaak en gevolg – die vormt de basis van de hele wetenschap. Er is nog een wet die dieper gaat dan deze; Schep het resultaat en de oorzaak volgt. Die lijkt absurd als je hem niet kent.

De wetenschap zegt; als de oorzaak er is, komt het gevolg. Het omgekeerde is ook waar – je schept het gevolg en kijk … de oorzaak volgt.

Je hebt een situatie waarin je je gelukkig voelt. Een vriend is op bezoek gekomen, een geliefde heeft je opgebeld. De situatie is de oorzaak; je voelt je gelukkig. Nu omgekeerd; WEES GELUKKIG, DAN KOMT DE GELIEFDE.

Schep eerst het gevolg, dan volgt de oorzaak vanzelf.

Wees gelukkig en al het andere volgt.

Het is niet alleen zo dat het zaadje die je in de grond stopt een boom voortbrengt maar als die boom er is zorg die op z’n beurt voor miljoenen zaadjes. Zoals na de oorzaak het gevolg komt, komt na het gevolg weer de oorzaak. Dit is de keten. Zo krijg je een kringloop. Je kunt er op elk punt instappen, door ofwel met de oorzaak ofwel met het gevolg te beginnen. Het is makkelijker om met het gevolg te beginnen omdat het gevolg helemaal van jou afhangt.

Als ik zeg dat ik pas gelukkig ben als mij vriend me opzoekt, dan hangt mijn geluk van die vriend af, of hij komt of niet komt.

Als ik het gevolg tot stand kan brengen, ontstaat de oorzaak vanzelf. Kies voor het geluk – begin bij het gevolg – en zie wat er gebeurt. Kies voor extase en zie wat er gebeurt. Dit lijkt op magie. Je kunt het de magische wet noemen.

Kies voor geluk en je zult gelukkig zijn.

Waarom is het moeilijk om met die wet te werken? Dat komt hierdoor, dat je mind, die in wetenschappelijk denken geoefend is, zegt, dat als je niet gelukkig bent en toch probeert gelukkig te zijn, je een geluk krijgt die kunstmatig is. Als je niet gelukkig bent en het toch probeert te zijn, dan is je geluk gespeeld en niet echt. Dat vertelt je wetenschappelijk denken – het is niet echt, je doet maar alsof. Maar je weet het niet. Als je het met je totale inzet speelt, wordt het echt. Speel je halfhartig, dan blijft het kunstmatig.

by Rigi

De teksten zijn uittreksels – samenvattingen-essentie uit mijn favoriete boeken van E.Tolle, Osho …

 

Het verstand omvat niet alleen het denken. De emoties, ook alle onbewuste mentaal – emotionele reactiepatronen, horen er toe.

Een emotie ontstaat op de plaats waar verstand en lichaam elkaar ontmoeten en is de reactie van het lichaam op het verstand; je zou ook kunnen zeggen: een afspiegeling van het verstand in het lichaam.

Een gedachte aan iemand aanvallen of een vijandige gedachten bouwt energie op in het lichaam die we woede noemen. Het lichaam bereidt zich voor om te vechten. Door de gedachte dat je bedreigd wordt, lichamelijk of psychisch, trekt het lichaam zich samen, en dat is de lichamelijke kant van wat we angst noemen. Uit onderzoek is gebleken dat sterke emoties zelfs veranderingen in de biochemie van het lichaam teweegbrengen. Deze biochemische veranderingen vertegenwoordigen het lichamelijke of materiële aspect van de emotie. Je bent niet bewust van al je gedachtepatronen, en vaak word je je van emoties alleen bewust door ze te observeren.

Hoe meer je je identificeert met je denken, voorkeuren en afkeuren, oordelen en interpretaties hoe minder je aanwezig bent als het toekijkende bewustzijn, des te sterker de emotionele lading gewoonlijk is, of je daar nu bewust bent of niet. Als je je emoties niet kunt voelen, als je ervan afgesneden bent, ervaar je ze uiteindelijk alleen nog lichamelijk, als een lichamelijk probleem of symptoom.

Terwijl een gedachte in je hoofd zit heeft een emotie en sterk lichamelijke component. Die voel je vooral in het lichaam.

Je kunt die emotie daar laten zijn zonder je erdoor te laten beheersen.

Dan ben je de emotie niet meer; je bent de toeschouwer, de waarnemende aanwezigheid.

De emotie wil je in haar macht krijgen en slaagt daar meestal in, tenzij je over voldoende aanwezigheid beschikt. Als je door gebrek aan alertheid in een onbewuste identificatie met de emotie wordt getrokken, wat heel gewoon is, wordt de emotietijdelijk ‘jij’. Vaak ontstaat er een vicieuze cirkel tussen gedachte en emotie; ze voeden elkaar. Het gedachtepatroon schept een uitvergroot beeld van zichzelf in de vorm van een emotie en de trillingsenergie van de emotie blijft het oorspronkelijke gedachtepatroon ven energie voorzien. Door in gedachte bij de situatie, de gebeurtenis of de persoon te blijven die de waargenomen oorzaak van de emotie was, geven de gedachten voedsel aan de emotie, die op haar beurt kracht geeft aan de gedachten, ezv.

De pijn wordt groter naarmate het verstand harder vecht om van de pijn af te komen.

Bij elke onderbreking van de gedachtestroom is een glimp van liefde en vreugde en een kort moment van diepe vrede mogelijk. Bij de meeste mensen treden die onderbrekingen zelden en alleen toevallig op, wanneer het verstand even ‘sprakeloos’ is, wat soms ontstaat bij het ervaren van grote schoonheid, bij extreem zware lichamelijke inspanningen en zelfs bij groot gevaar. Opeens is de innerlijke stilte daar. En binnen die stilte is er een subtiele maar intense vreugde, er is liefde en vrede.

Gewoonlijk duren zulke momenten niet lang omdat het verstand al snel weer de lawaaiige activiteit hervat die wij denken noemen. Liefde, vreugde en vrede kunnen niet tot bloei komen zolang je jezelf niet van de heerschappij van het verstand bevrijd hebt.